Na een driedaagse reis is het eindelijk zover.. voor het eerst in acht maanden zetten we weer voet op Nederlandse bodem. Het doel? Familie en vrienden bezoeken, nieuwgeboren baby’s bewonderen, Sanne’s traineeship afronden en… onze Prius APK-keuren. Syb, Bonnie en onze 500 jonge plantjes blijven achter in Portugal, waar ze vertroeteld worden door Isabel en Jesper. We missen ze, maar de reis blijkt een stuk aangenamer zonder non-stop gemiauw achterin.
Eenmaal terug in Nederland moeten we even wennen aan de uitgestrekte akkers, de donkere wolken en de prijs van koffie. Maar zodra we het vertrouwde vakantiehuisje in Ouddorp binnenstappen voelen we ons weer helemaal thuis. Sanne’s ouders zitten klaar met een overvloed aan lekker eten, een knisperend haardvuur en Belgische speciaalbiertjes. Kortom, een warmer welkom hadden we ons niet kunnen wensen. Om 9 uur duiken we uitgeput maar voldaan ons bed in en slapen we onze langste nacht in tijden.
De volgende ochtend begint onze uitdaging: zoveel mogelijk familie en vrienden bezoeken zonder overprikkeld te raken. Na acht maanden in een oase van rust, groen en stilte lijken de Nederlandse steden ineens intimiderend, en weten we niet of we wel nog bekwaam zijn in het voeren van normale gesprekken. Misschien kunnen we alleen nog maar praten over zaaikalenders en onkruid?
In eerste instantie gaat alles goed. Eerste Paasdag vieren we met Sanne’s familie en iedereen is nieuwsgierig naar onze avonturen. Maar dan slaat de overmoed toe. Voor we het weten belanden we in de meest foute kroeg van Brielle, waar we lauwe biertjes uit plastic bekertjes drinken terwijl we opzij geduwd worden door dronken havenarbeiders. Ik kijk door mijn lengte over de menigte uit, wat als voordeel heeft dat ik het overzicht bewaar, maar als nadeel dat ik geen woord versta van de gesprekken die zich 30 cm lager afspelen. Na een halfuur staan alle overprikkeld-meters in het rood en besluiten we het voor gezien te houden. Als we aankomen in Ouddorp staren we nog een uurtje naar het plafond, voordat we wederom in een diepe slaap vallen.
De volgende dag, Tweede Paasdag, is mijn familie aan de beurt. Opnieuw is er een overvloed van eten, gezelligheid en interesse in onze verhalen. We blijven bij mijn ouders slapen en mijn moeder tovert een vegan variant van mijn favoriete lasagne op tafel. Als we een wandeling maken door Goes wijst mijn vader alle straten, hekjes en pleintjes aan die hij heeft aangelegd. De auto laten we keuren bij de vaste monteur van mijn ouders, die helaas een vervelende mededeling heeft. Door het rijden over de Portugese onverharde wegen zijn de wiellagers aan vervanging toe. Ook de kapster heeft een vervelende mededeling, wanneer ik haar vraag of ze mijn haar kan knippen zoals dat van Jack uit de serie This is Us. “Dat kan, maar ik kan je niet helpen om een baard te laten groeien”.



Om te ontsnappen aan meer vervelende mededelingen verlaten we het platteland en vertrekken we richting de grote intimiderende stad. En wat blijkt? Na een periode van rust, eenvoud en een prikkel-loos-heid geniet ik juist extra van het leven in Amsterdam. We worden door Robin en Nina getrakteerd op een belachelijk lekkere ovenschotel die Robin zelf niet blijkt te lusten, Charlotte herintroduceert me in het yuppenleven in de hipste koffietent van Amsterdam en Floor en Jorg laten ons weer even tot onszelf komen met een uurtje in de moestuin, een jenever in het Flevopark en een filmvertoning over bodemleven. We ontmoeten de ‘straatmanager’ van mijn favoriete straat, de Javastraat, en maken er de volgende ochtend een wandeling met Lise en Wout.



We bewonderen de Scandinavische designbaby van Sophie samen met tante Tinka, eten een heerlijk soepje op het zonovergoten balkon van Mike en Nelis en ontmoeten Guus, het zoontje van Koen en Maud. Blij en uitgerust vertellen ze ons dat hij eigenlijk bijna nooit huilt. Daarna komen we even bij in Weesp, waar mijn oom, tante, neefje en nichtje ons opwachten met een een borrel, speciaalbiertjes, spelletjes en een heerlijk bed. Sanne gaat naar een kasteel om haar traineeship feestelijk af te sluiten terwijl ik films kijk met Frans en Haruka, gezellig bijpraat met Auke en Britt en Italiaans eet met de schippers van de Beaut van Erven Dorens. De volgende dag treffen Sanne en ik elkaar weer in Ouddorp. Blij maar ook moe stelt ze voor om nog een dagje in Ouddorp te ontprikkelen voordat we aan de grote reis terug beginnen. Dit blijkt een goed idee, want de volgende nodigen Melissa en Tim ons uit om hun één week oude babytje te komen bewonderen. We voelen ons vereerd.




Wanneer we drie dagen later weer onze vallei in rijden, is het aanzicht totaal anders dan toen we vertrokken. Alle planten lijken twee keer zo groot en groen als eerst, en een zee van paarse en gele bloemen heeft zich over de heuvels verspreid. Isabel en Jesper verwelkomen ons vrolijk en ook Syb en Bonnie komen luid miauwend het hoge gras uitrennen. Tot onze grote vreugde is ook de kas een oase van groen geworden. Bijna alle planten zijn te groot geworden voor hun kleine potjes, en lijken ons te smeken om de tuin in te mogen.



We besluiten de smeekbede te verhoren en beginnen de volgende dag meteen met het uitplanten. Ook de plantjes die al in de tuin stonden blijken het goed gedaan te hebben, en de zelfde avond nog maakt Sanne een heerlijk gerecht met tuinbonen, erwten en sla uit eigen tuin. Het voelt goed om terug te zijn.









PS: Dit alles speelde zich af voordat Sander en Wilma bij ons waren, maar ik schrijf iets langzamer dan zij.

Mooi en grappig geschreven mijn zoon.
Fijn dat we jullie weer even zagen, en voor je oude vader een opluchting dat jullie met een veilige koets weer naar jullie oase terug reden.
Geniet nog ff daar want de tijd vliegt voorbij.